Terwijl de koffie pruttelt in galerie Kortlang aan de Nieuwstraat 13 vertelt Julia van Adrichem over haar werk. Ze schildert, maar maakt ook 'uitstapjes', met name op het gebied van muziek.

Na haar studie Engels en de lerarenopleiding kreeg ze steeds meer behoefte aan kunst maken. Wat volgde was de kunstacademie en een lange carrière in de Leidse kunstsector.

 

 

Leiden moet meer uitgaan van eigen kracht”

 

 

 

 

 

 

 

 

Julia van Adrichem

49 jaar

Sinds 1987 woonachtig in Leiden

Kunstenares

 

Van Adrichem maakt voornamelijk kunst voor in de openbare ruimte. Als lid van de stichting Peen en Ui doet ze projecten in wijken, waarbij participatie van de bewoners voorop staat. Dit soort werk, in de Leidse wijken, ervaart Van Adrichem als een dankbare taak. “Veertig uur per week in een atelier zitten is niks voor mij. Het contact met de mensen en de functie van 'lijm' tussen de bewoners en de woningbouwcorporatie die je als kunstenaar vervult geeft mij veel voldoening”, aldus de kunstenares.

 

Haar liefde voor muziek begint steeds meer door te sijpelen in haar werk als kunstenares. In opdracht van de gemeente Leiden zette in het kader van 'Luchtwerken' een concert op poten van aangepaste stofzuigers: “Het gaf een enorme herrie maar het was een geweldig project”. Ooit hoopt Van Adrichem ergens in het centrum van Leiden een levensgrote klankkast neer te zetten, waar bezoekers dan in kunnen gaan staan om 'de muziek echt te kunnen voelen'. Ze prijst de gemeente Leiden voor het bieden van ruimte voor dit soort projecten, maar ziet wel degelijk verbeterpunten met betrekking tot het cultuurbeleid. “Het is ploeteren voor kunstenaars in Leiden. De financiering is verbeterd maar het is niet genoeg om van te leven. Je moet voor je eigen potjes geld zorgen en met de pet rondgaan bij fondsen”.

 

Lokale kunstenaars kunnen
een bijdrage leveren aan de stad”

 

 

Van Adrichem signaleert dat de gemeente kansen laat liggen om meer betrokkenheid van de 'eigen' kunstenaars te bewerkstelligen: “Bij de Lakenhal wordt goed werk gedaan, maar de gemeente moet gaan beseffen dat de hedendaagse kunstenaars heel aantrekkelijk kunnen zijn voor de stad. Bij het idee van goede kunst denkt men al snel aan Rembrandt en Van Gogh, terwijl ook lokale kunstenaars een bijdrage kunnen leveren aan de stad”.  

 

 

Van Adrichem's 'Sjaak en Mary', i.s.m. Paul Bouter (2010)
Van Adrichem's 'Sjaak en Mary', i.s.m. Paul Bouter (2010)

 

Gelukkig gaan er volgens Van Adrichem ook heel veel dingen goed in Leiden. Ze noemt het besluit om als een van de weinige gemeenten in Nederland niet op cultuur te bezuinigen 'uniek' en complimenteert de stad hiervoor. Bovendien is er dankzij de gemeente Leiden meer contact gekomen tussen musea en kunstenaars, al is het naar de mening van Van Adrichem nog allemaal te aftastend. Het belangrijkste verbeterpunt voor de cultuursector in Leiden blijft volgens haar dan ook een nauwere samenwerking tussen lokale instanties en kunstenaars: “Leiden kijkt te veel naar buiten en moet meer uitgaan van eigen kracht”.

 

 

 

Voor meer over Julia van Adrichem en haar werk, zie haar website